U bent hier:Home Organisatie Visie
Toezicht houden is het verzamelen van de informatie over de vraag of een handeling of zaak voldoet aan de daaraan gestelde eisen, het daarna vormen van een oordeel daarover en het eventueel naar aanleiding daarvan interveniëren. Toezicht heeft een waarborgfunctie enerzijds in de ondersteuning van de ministeriële verantwoordelijkheid en anderzijds ter versterking van de maatschappelijke effectiviteit. Toezicht neemt een specifieke plaats in de governance-cyclus in van sturen, beheersen, verantwoorden en toezicht houden.
Inspectie is een toezichtvorm: het doen van ambtelijk onderzoek in het kader van het uitoefenen van toezicht. Onderwerp van onderzoek is publieke taakuitoefening in de uitvoering van de sanctietoepassing. Geen onderwerp van onderzoek is de publieke middelenbesteding en de bedrijfsvoering als zodanig. Deze aspecten worden beoordeeld in reguliere planning&control-cycli, interne kwaliteitstrajecten zoals INK en zijn onderwerp van onderzoek door een interne auditdienst in het kader van beheersen en verantwoorden in de governance-cyclus.
De toezichtketen dient zoveel mogelijk gesloten te zijn. Dat betekent dat met de conclusies van het toezicht effectief een bestuurlijke verantwoordelijke wordt aangesproken. Toezicht heeft namelijk tot doel het activeren van de verantwoordelijkheid van een instelling en heeft niet tot doel het doen van generaliserende uitspraken over het toezichtdomein.
Inspectieonderzoek is iets anders als beleidsevaluatieonderzoek. Beleidsevaluatieonderzoek is het over langere periode evalueren van de effecten en de effectiviteit van het gevoerde beleid. Evaluatieonderzoek maakt een uitspraak mogelijk over het te voeren (ex ante) of gevoerde (ex post) beleid. De evaluatie van beleid behoort niet tot de taak van de ISt. Beleidsevaluatie maakt onderdeel uit van de beleidscyclus en hoort onder verantwoordelijkheid van een beleidsdirectie plaats te vinden bij verantwoorden en sturen in de governancecyclus.
De ISt heeft geen algemene adviserende taak in de beleidsontwikkeling, opdat zij in een later stadium onafhankelijk kan blijven oordelen. Daarop is één uitzondering: als onderdeel van de uitvoeringstoets van voorgenomen regelgeving kan aan de ISt wel gevraagd worden te beoordelen of toezicht op de naleving van deze regelgeving in voldoende mate mogelijk zal zijn. De minister kan de ISt dus vragen een toets uit te voeren op de handhaafbaarheid van voorgenomen regelgeving.
De ISt komt op basis van het constateren van feiten en het doen van waarnemingen tot oordelen. Voor het verzamelen van feiten gebruikt de ISt verschillende methoden en technieken: onderzoek en analyse van vooraf verstrekte schriftelijke informatie, vragenlijsten, interviews met (groepen) leidinggevenden en medewerkers, justitiabelen en andere betrokkenen, observatie, bestudering van dossiers, protocollen en verslagen, aangekondigde en onaangekondigde inspecties van locaties die betrokken zijn bij de tenuitvoerlegging van sancties. Op basis van de ingewonnen informatie beoordeelt de ISt of en in welke mate de situatie bij een instelling beantwoordt aan de gestelde normen. Welke normen dat zijn, bepaalt de aard van het toezicht dat de ISt houdt, uitvoeringstoezicht of nalevingstoezicht.
De ISt is primair een uitvoeringstoezichthouder. De ISt houdt toezicht op de uitvoering van publieke taken in het domein sanctietoepassing. Reclassering en DJI hebben de ruimte voor het uitvoeren van hun taak en dragen zelf de verantwoordelijkheid voor een goed functioneren. Open normen bepalen de handelingsruimte van de instellingen. Het uitvoeringstoezicht van de ISt beoogt bevordering van de maatschappelijke effectiviteit van de sanctietoepassing.
Voor het domein sanctietoepassing geldt ook wet- en regelgeving met voorschriften (gesloten normen) voor het gewenste handelingspatroon van de instellingen. Daarmee is de ISt ook een nalevingstoezichthouder. De ISt houdt toezicht op de naleving van wet- en regelgeving in de sanctietoepassing door de beoordeling van de congruentie tussen voorschrift en feitelijk gedrag van de instellingen in de sanctietoepassing. Met haar nalevingstoezicht beoogt de ISt normconform gedrag te stimuleren.
Van alle normen, open of gesloten, beschouwt de ISt de overeenkomstige uitvoeringsinstructies (beleid), de handelingspraktijk (de operationaliteit van beleid) en de borging in de handelingspraktijk (borging van beleid).